Vloer- en houtafwerking

Dagelijks adviseren we in de winkel over afwerken van hout. Voor de geinteresseerden is er naar onze mening veel duidelijkheid te scheppen over wat en hoe. Een adviesitem specifiek toegesneden op vloerlak en dekkende vloerverf vindt u hier.

Afwerkingen: Olie, lak, was & zeep. 

Olie, was, lak & zeep zijn in principe de keuzes als het gaat om afwerken van een stuk hout. Er zijn ook combinatie-producten van was & olie en producten die tussen olie en lak zitten. Deze adviespagina behandelt afwerkingen waarbij het hout zichtbaar is, voor dekkende vloerverf in alle mogelijke kleuren (uitleg vindt u bij desbetreffende producten) klik hier.

En beits dan?

Beits is geen afwerking op zich: het is of een apart kleurend product, dat geen of te weinig bescherming biedt (en dus nog afgewerkt dient te worden met olie, was, lak of zeep); of het is een transparant gekleurde olie, lak, was of zeep. Het is dan dus wel een afwerking, alleen "is" het product dan dus eigenlijk bijvoorbeeld een lak (met een beetje kleur).

Men kan hout dus separaat kleuren en dan afwerken, of kiezen voor een product dat dit combineert. Elk type beits heeft zijn eigen type "kleuring" en ook voor- en nadelen in toepassing en duurzaamheid.

Diverse soorten beits vindt u in de webshop.

Bekende soorten beits zijn:

-water- en spiritusbeits, in poedervorm. Dit is puur bedoeld om te kleuren. Het zijn inkten die oplossen in water of in alcohol (spiritus). Dit is de traditionele beits van de meubelmaker. Dit type beits wordt normaliter afgelakt.

-kleurbeits/lazuur: in water geemulgeerde drogende olie met een kleurtje. Deze beits is na droging wel watervast maar geeft zeer beperkte bescherming. Zwaarder belaste oppervlaktes kunnen geolied of gelakt worden.

-notenklontjes/bister/kerkbeits/vandijksbruin: een traditionele waterbeits op basis van een gemodificeerd aardpigment.

-wasbeits: een traditionele, mooi kleurende beits op basis van in water geemulgeerde was. Het is geen sterk product en niet aflakbaar o.i.d. 

-beitsolie: al dan niet verdunde drogende olie met een transparant kleurende werking. Hierin zijn veel types: natuurlijke olie (verdund of onverdund) die geen lakachtige fim mag vormen op het hout zoals Aquamarijn Corcol (d.m.v. overtollige verwijderen) en gesynthetiseerde olie, zoals bijvoorbeeld Restol of Osmo. Dit soort producten zit tussen lak en olie. Meer uitleg verderop in deze tekst onder olie.

-lakbeits: lak met een kleurtje, zoals bijvoorbeeld "vloerbeits" of interieurlak van Rambo. Dit zijn watergedragen of oliebasis lakken met bijvoorbeeld een semi-transparant houtkleurtje. Het nadeel van een lakbeits is dat men het hout een beetje dichtschildert, er komt een gekleurde film overheen. Ook aanzetten zijn berucht: het product vaak bij grotere vlakken moeilijk te verdelen en men ziet dus verschil in laagdikte terug. Als men niet met blanke lagen afwerkt, begint de plaatselijke slijtage (op bijvoorbeeld een vloer) van de beitskleur direct. Dit is niet goed plaatselijk bij te werken (men creeert dan altijd een rand).

-buitenbeits: een brede categorie producten, van tuinbeits tot (dekkende) lakbeits. Een beits kan i.h.a. niet bladderen, ook al lijkt het precies een lakverf (bijvoorbeeld Perkoleum dekkend). Een geimpregneerde schutting kan volstaan met een tuinbeits-type, gewoon voor een ander kleurtje. Een houten huis of woonboot wordt in de regel voorzien van een buitenbeits met een veel hogere beschermingsgraad. Het type bindmiddel (wat is het voor beits?) verschilt per product. Men treft watergedragen olie-emusies (kleurbeits), watergedragen acryl-emulsies (verslapte lakbeits), terpentine-verdunde alkydoliebeits, beitsolie (bijvoorbeeld Ecoleum of Royl outdoor) en gesynthetiseerde beitsolie/lakbeits zoals Restol en Perkoleum.

Een praktijkvoorbeeld:  er wordt vaak gevraagd naar whitewash, een witte wassing - in prinicipe dus beitsend (niet dekkend) wit.  Dit is niet 1 specifiek product. Het kan zijn: een witte was (kalkwas), een witte olie zoals Corcol alaska wit / dubbel wit, een witte (watervaste) waterbeits zoals Traelyx kleurbeits, een wit transparante lak (alle lakken in het assortiment kunnen wit transparant aangekleurd worden - bijvoorbeeld in de formule 777 white wash van Rambo, of een andere hoeveelheid wit). Ook kan een white-wash nog bijvoorbeeld een verdunde witte (krijt) verf zijn - dit is dan ook een beits, lazuur of wash te noemen.

OLIE.

Drogende olie is de basis van alle -het woord zegt het al- oliebasis verf. Een natuurlijk drogende olie droogt in reactie met zuurstof tot een taai elastische, droge film. Deze taai-elastisch drogende olie kan in zijn zuivere vorm nooit als lak verwerkt worden. Hiermee bedoelen we: de laag is te zacht om gestapeld te worden of om een film te vormen op het hout. De taai-elastische laag moet zich in het hout bevinden. Daar moet men voor zorgen  door alle overtollige olie, d.w.z. de olie die niet intrekt, te verwijderen. Er zijn ook producten die ''olie'' heten, maar die tussen olie en lak zitten. Deze kunnen wel als (dunne) lak gestapeld worden.

Een olie is bij het geval van een vloer het meest geschikt voor hardere houtsoorten, zoals eiken. Doordat de olie als droge beschermende zone in het hout zit of slechts een geringe film er op geeft, zit men met vocht en vuil dicht bij het hout. Bij zachtere vloeren (grenen, vuren) trapt men dan het vuil sneller in de vloer.

Hieronder een beschrijving van de verschilende types met merknamen.

-"Echte" olie: Dit zijn de natuurlijk drogende oliesoorten. Denk aan lijnolie, chinese houtolie, ricinusolie. Waar olijfolie (bijvoorbeeld dun uitgestreken op een glasplaat) na enige tijd geen drogende film gaat vormen, doen deze soorten dat wel. In de 14e eeuw werd deze eigenschap naar verluidt voor het eerst breder toegepast voor het maken van verf: voeg aan een drogende olie een kleurstof (pigment) toe, en men heeft verf.
Zoals hierboven al aangestipt: echte olie vormt een te zachte laag om OP het hout te leggen. Het is geen lak, maar een olie! Een (oliebasis) lak bestaat eenvoudig gezegd uit een drogende olie met een harde hars er in. Een olie heeft dit harde deel niet, dus de olie moet IN het hout zitten en daar een taai-elastische droge film vormen. Men zorgt dat de olie in het hout zit (en niet er op) door alle olie die op het hout ligt (enige tijd na het aanbrengen) te verwijderen, met bijvoorbeeld vodden.
 Voor de kenner is dit gesneden koek, echter het aantal mensen (zowel particulieren als uitvoerenden) dat hiermee de mist in gaat is nog steeds zeer groot. Dit levert de klacht op van een geheel of hier en daar licht klevende, onregelmatig glanzende vloer.

Tot dit type behoren o.a.  rauwe en gekookte lijnolie, chinese houtolie (tungolie), Aquamarijn Revol, Aquamarijn Corcol, Auro harde houtolie, Auro universele impregneerolie, Royl Bio-oil, Royl outdoor, Rubio Monocoat, Woca olie. 

Lijnolie of Corcol, wat te nemen?

Er zijn dus de min of meer onbewerkte producten en de combinatie-oliesoorten met merknaam. De merknaam-oliesoorten kunnen daadwerkelijk veel beter presteren dan bijvoorbeeld gekookte lijnolie. Dit zit hem in het verhittingstraject van de olie en de gekozen combinatie. Door het specifiek verkoken vormt de olie langere moleculaire ketens (polymerisatie). Dit geeft een andere droging, meer verband en sterkte in de eindlaag. Ook zijn er oliesoorten met zeer verschillende molecuulgrootte; deze vullen elkaar zeer goed aan in het vullen van het hout (bijvoorbeeld lijnolie en houtolie, zit ook in iedere goede blanke jachtlak). Zodoende (verkokingstraject, combineren verschillende soorten) krijgt men producten die een duidelijk verschil geven met een flesje lijnolie bij bijvoorbeeld een vlekkentest met wijn of koffie. Er is wel een behoorlijk prijsverschil tussen (goede) lijnolie en een blik meer bewerkte olie.

Verdunde olie of onverdund?

Klassieke recepten schrijven bijna altijd voor de olie te verdunnen, met bijvoorbeeld gomterpentijn of terpentine. Door deze verdunning zou de olie beter indringen. Er is echter een groot nadeel: om het hout te vullen met een verdunde olie, die geen laag op het hout mag vormen, heeft men in principe een oneindig aantal lagen nodig. er verdampt immers telkens een deel (vaak tussen de 30 en 80% (bij ouderwetse teakolie)) van de aangebrachte vulling. Het is als het vullen van een glas met een product waarvan telkens een deel verdwijnt. Desalniettemin kan zo'n verdunde olie in 2 tot 3 lagen een heel aardige tot goede bescherming geven.
Maar is de verdunning nodig? De verdunning verdampt alleen maar, men voegt in elk geval geen kwaliteit toe aan het eindproduct. Het is ongezond bovendien. Daarnaast is het zo dat met name lijnolie in vergelijking met gesynthetiseerde (alkyd, polyurethaan) olie zeer kleine moleculen heeft. Deze olie is dus van nature een spanningsarm en zeer goed impregnerend product. Testen geven aan dat 1 laag onverdunde olie perfect kan presteren! Wij vinden dit dan ook een logische keuze. Soms kan verdunde olie makkelijker zijn om aan te brengen of tegelijk een vuilonttrekkende werking hebben (bijvoorbeeld Revol, de terpentijn en citrusolie lossen vuil op). Voor een basisbehandeling is echter onverdund zeer voordelig! Met schone sokken kan men ook direct de vloer weer belopen indien nodig. Onverdunde olie is bijvoorbeeld: gekookte lijnolie, Aquamarijn Corcol en Auro harde houtolie. Corcol en Auro afficheren zich ook wel als "full solid" olie. Dit wil zeggen: alles is vaste stof, geen vluchtige stof. De term ''high solid'' wordt bij verf vaker gebruikt, hiermee bedoelt men dat (voor het type product) er weinig oplosmiddel in zit. Omdat dit geen beschermde term is, zegt dat niet zo veel. Een zeer bekend product, Osmo hardwasolie 'high solid' (ook in onze webshop te vinden) bevat bijvoorbeeld zo'n 40% aromaatvrije terpentine. De snellere varianten bevatten nog meer oplosmiddel.

-"Gesynthetiseerde" olie: dit zijn producten die men olie noemt (of olie zit prominent in de naam, zoals hardwasolie, hardwaxolie, structuurolie, allerhande vloerolie) die wel als ware een lak een film mogen vormen op het hout. Deze olie droogt niet taai-elastisch maar hard, als een lak of richting een lak. Het zijn dan ook verftechnisch gezien lakken of op z'n minst halve lakken. De drogende olie in deze producten is gekoppeld aan een harde hars. Het bekendste type is de alkydharsolie.  Vaak herkent men deze producten door de ingredienten, die bijvoorbeeld uit niet-drogende oliesoorten bestaat. Niet drogende olie zoals sojaolie, distelolie, parafinneolie. Hier maakt men een drogende olie van door deze te synthetiseren tot een alkydharsolie. Ook lijnolie kan de basis vormen van een alkydhars. Merknamen zijn o.a. Osmo, Ciranova basisolie, Restol houtolie. Met name in de categorie 'hardwasolie' (zoals Osmo) voldoen zeer veel merken aan dit signatuur. De 'was'in deze oliesoorten speelt maar een kleine rol, en niet per se een gunstige. Er zit een kleine toeslag in van was. Deze geeft de droge olielaag een kleine mate van opboenbaarheid. Was zelf (vaak carnaube- en bijenwas) is vrij vochtgevoelig en het vertraagt de doorharding van de alkydharsolie.

Met deze oliesoorten is an sich niets mis. Ze behoren echter niet tot de natuurverven (soms lijkt het wel zo, door wervende teksten of vriendelijke plaatjes). Daarnaast ontberen ze het indringend vermogen van lijnolie (door de zeer kleine molecuulgrootte van lijnolie). Ook moet men deze olie meestal in tenminste 2 x aanbrengen, net als bij verdunde echte olie. De film die men OP het hout verkrijgt geeft oppervlakkig meer bescherming en kan ook echt goed presteren. Nadeel is wel dat het echte plaatselijk bijwerken van de laag vervalt. Een gekleurde gesynthetiseerde olie heeft daar het meest last van. Een echte lak is dan vaak sterker en wordt ook in meer lagen aangebracht. Meubelmakers verwerken dit type olie meestal alsof het een echte olie betreft: ze laten de laag niet gewoon drogen maar wrijven het overtollige weg. Na een dag volgt dan meestal laag twee met dezelfde werkwijze.

Voordelen: het aanbrengen gaat niet snel mis want het product droogt ook OP het hout. Synthetische olie droogt sneller aan (maar moet wel drogen voordat men er op kan, een impregnerende laag niet per se). Het vergeelt minder en kleurt iets minder op dan een natuurlijke olie (m.n. bij blanke of witte olie zichtbaar). Iedereen is geholpen, wat men ook wenst: het is olie en was en eigenlijk stiekem een lak!

Nadelen: men staat in de terpentine-lucht tijdens verwerking.  Het presteert vaak minder in een vlektest dan natuurlijke olie. Het is net een lak, maar dan zwakker en dus sneller besleten dus waarom dan geen echte lak? De was verhindert voorts een eventuele lak- of verfafwerking. Alle echte olie is gewoon over te lakken of verven, sommige producten zijn zelfs gemaakt om dit na een dag al (watergedragen!) te kunnen doen, zoals de Full Solid Colorwash-olie van Rigo.

 

LAK.

Hier informatie over lak aan de hand van door ons veelvuldig gehoorde misvattingen over lak.

- Ik wil geen lak want ik wil geen glans of zichtbare film:

Sinds een aantal jaar is er 'de onzichtbare bescherming' Skylt original op de markt, gevolgd door het gelijke Traelyx naturel. Rigo Skylt is echt ultramat, het heeft exact de glans van onbehandeld hout. Belasting geeft op den duur een polijst-effect (licht opglanzen) maar dit is echt minimaal. In vergelijking met "ouderwetse" matte (met bijvoorbeeld de naam 2 x mat, glansvrij) lakken is het een wereld van verschil. Skylt titanium is nog resistenter tegen polijsten maar verwerkt iets lastiger. Skylt original geeft voorts geen kleurverandering van het hout. Het is ontwikkeld om eiken exact de kleur te laten houden die het heeft. Ook bij andere (in de regel niet al te donkere) houtsoorten werkt het zeer goed. Het is dus een lak die het uiterlijk geeft van onbehandeld hout. Het product heeft ook de meeste UV-filter van alle blanke vloerlakken: het hout zal altijd iets verkleuren (zolang door licht bereikt kan worden m.a.w. zolang je het ziet) maar wel zo min mogelijk. De verkleuring is in elk geval vele malen geringer dan die van een blanke olie.

- Geen lak voor mij want dat kan je niet bijwerken:

Met een gezonde laagdikte (!) en een kwaliteitslak is dat ook jaren en jaren niet nodig! De langstlopende intacte, sindsdien niet bijgewerkte vloer in de zaak zit er 14 jaar op. Dit betreft gewoon een 1 component watergedragen lak. Het directe entree-deel is wel versleten (zit er 20 jaar op). Dit hadden we kunnen bijwerken! Lak kan men wel bijwerken/onderhouden, alleen dit doet men in de regel niet of pas als de slijtage zeer ver is. Een tijdige laag (als men na een x aantal jaar constateert: dat ziet er nog goed uit..) is altijd mogelijk. Als men dit plaatselijk toepast, kan dit wel zorgen voor of een glanzender of een matter effect. Deze verschillen verdwijnen.

Ook kan men bijwerken, zodra men echt kale plekken ziet. Een kale plek toont zich altijd bij bijvoorbeeld een dweilbeurt: het hout kleurt dan tijdelijk op (meestal iets donkerder dan de rest). Alles licht opruwen, kale plek 2 x voorlakken en het geheel 1 x overlakken. Plaatselijk bijwerken kan ook, dit leidt vaak tot een licht glansverschil. Afhankelijk van het type lak kan dit zowel iets matter als glanzender zijn. Echter, een plaatselijk bijgewerkte olie is meestal ook niet geheel onzichtbaar.

Tenslotte zijn er nog echte onderhoudsproducten zoals vloerpolish. In de regel adviseren we deze producten niet zo snel, ze moeten wel consequent worden toegepast en tussentijds verwijderd worden.

- Lak slijt zo snel

In het verlengde van het bovenstaande: de duurzaamheid van de lak, gegeven een bepaalde belasting, is een optelsom van de sterkte van het product en de laagdikte. Fabrikanten hanteren de volgende adviessleutel uitgaande van kaal hout: te verwerken hoeveelheid lak = aantal m2's x 0,3 liter. Deze hoeveelheid zou er idealiter minstens op moeten.

Natuurlijk wil een fabrikant lak verkopen, echter feit is dat de gemiddelde vloer veeeeel te weinig product krijgt. Men redeneert dan bijvoorbeeld als volgt: er zitten 3 of 4 lagen op! Maar belangrijk is, hoeveel liter verwerkt is! De juiste lak voor de juiste belasting en de gewenste laagdikte (of in ieder geval daar in de buurt: dan blijft u jaren blij met de keuze.

- Olie is veel voordeliger

Olie kan (afhankelijk van het merk) een stuk voordeliger zijn in aanschaf. Echter: de bescherming is ook anders. Voor een massief houten vloer van 50m2 kan 2 liter olie voldoende zijn. Gaat men lakken: 12,5 tot 15 liter lak is aanbevolen. 15 liter lak kost meer natuurlijk meer dan 2 liter olie (hoewel sommige merken olie ridicuul prijzig zijn.) Maar: 15 i.p.v. 2 liter geeft natuurlijk ook een heel andere laag/bescherming! Daardoor bespaart men kosten en moeite van periodiek onderhoud of het leven met een (af)geleefde vloer.

Veel relevante producten vindt u hier. De watergedragen lakken in volgorde van sterkte, van minder sterk naar sterkst (en meestal ook prijs): Rigo xtra, Hermadix, Rigo Top, Traelyx naturel en Rigo Skylt, Rigo Duo en Skylt Titanium. Oliebasis blanke lakken voeren we van Koopmans, Frencken en Trimetal.  

De vraag: olie of lak? wordt ook beantwoordt in de tekst bij Royl olie 2k.

 

WAS.

Een echte was bestaat uit alleen maar wasachtige substantie in een drager. Voor begrippen als "hardwasolie" zie hierboven bij olie. Waar olie reageert met zuurstof tot een droge film (zo ook oliebasis lak), en watergedragen lakken ook drogen tot een niet meer wateroplosbare laag, blijft Was wat het is. Alleen het oplosmiddel/ de drager is enige tijd na verwerking verdampt. Er ligt dan een (dun) laagje was op de ondergrond. Denk aan het in de was zetten van een auto of uw schoenen.
De klassieke verdunner voor was is terpentijn. Moderne vervangers zijn terpentine of steviger oplosmiddelen. Ook treft men wasemulsies: was in water. Dit kan met behulp van plantaardige emulgatoren (Kreidezeit carnaubewasemulsie, Crelim van Aquamarijn) of met behulp van ammonia (wasbeits).

Was is oppervlakkig gezien vocht- en vuilafstotend, ook antistatisch. Vocht dat er langer op ligt, dringt wel door de waslaag heen. Was geeft dus een relatief geringe bescherming, heeft vrij weinig slijtvastheidswaarde. wel geeft het een mooie natuurlijke glans en een zacht gevoel. Ook kan het een mooi kleurend effect geven, denk aan witte was of antiekwas.

Alleen was als afwerking leent zich dus het meest voor een niet of weinig vocht- en vuilbelast meubel. Verder wordt was wel als slotlaag over olie gezet, de olie geeft dan de meeste bescherming. Datzelfde geldt voor natuurlijke mengsels van was en olie: de olie is de drogende factor, de was geeft opboenbaarheid maar vermindert de bescherming (Auro harde was, Aquamarijn Solim, Allback kleurwas). Ook vertraagt de was de droging van de olie. Dergelijke producten moeten dan ook altijd heel dun worden verwerkt, anders blijft de koek te zacht. Men doet er dus veel mee, maar de laagdikte en bescherming is in onze optiek geringer dan die van een pure olie. De esthetiek en verwerking kan wel weer erg aantrekkelijk zijn. Bijna al onze wasproducten vindt u hier.

 

ZEEP.

Zeep als afwerking is relatief onbekend in Nederland.

Zeep wordt traditioneel als afwerking gezet over geloogd grenen in Scandinavische landen. Dit hout wordt dus eerst geloogd, met een echte loog (zoals naaldhoutloog Kreidezeit). Dit product met pH-waarde 14 bijt het hout uit en zorgt ervoor dat schimmels en bacterieen er geen voedingsbodem in zien. Het hout verschraalt en verhardt. Tevens krijgt naaldhout een flink gelere, donkerder kleur. Om dit logende effect te bestendigen maar wel een gladde, prettige film te geven wordt afgewerkt met (een aantal lagen) zeep. Echte zeep heeft ook een hoge pH-waarde. Zeep wordt gemaakt door olie te mengen met een loog. Zodoende bijvoorbeeld de termen olijfoliezeep en lijnoliezeep.

Dat gele effect van logen vindt men in de regel niet zo aantrekkelijk. Op drie manieren wordt dit ondervangen. Ten eerste maakt men een loog die veel geringer loogt, een sterk verdunde loog. Ook gooit men bij de loog wit pigment. Tenslotte kan er ook wit gezeept worden, zeep plus wit pigment. Nadeel is dat de logende werking veel minder effectief is (van verdunde loog).

Zeep is hygroscopisch. Dat wil zeggen, het trekt vocht aan. Bij een constanter en droger klimaat (Scandinavie, kou onttrekt vocht) zal dit minder vuil aantrekken dan in Nederland. Nederland is dus minder geschikt voor de zeepvloer. Desalniettemin bevalt zeep soms goed!

Doordat Scandinavische vloeren een soort synoniem zijn voor blanke, gebleekte en frisse vloeren (modebeeld in bladen) denkt men bij logen en zepen aan deze lichte vloeren. Echter, van origine is dat dus niet zo!

Nu wordt dit zepen ook doorgevoerd voor eikenhouten vloeren. Vaak ook met de gedachte dat het hout mooi blond blijft. Dat is wel eens het geval. Echter, meestal reageren de inhoudsstoffen van het eiken met de pH waarde (de alkaliteit) van de zeep en verkleurt het hout onregelmatig geelbruin donkerder. Als barriere tussen deze chemische werking wordt dan wel olie gezet. Eerst een olie, en dan een "beschermende" zeeplaag. Dit kan in de praktijk soms goed bevallen. Het tegenovergestelde gebeurt zeker ook. De zeep (zeker indien regelmatig opgezet) zet de gedroogde olielaag alsnog om in zeep, de olie verzeept. De beschermende waarde is op den duur niet meer die van olie maar de veel geringere van zeep. Vocht/ en vuilaanname en chemische verkleuring kan sneller ontstaan. Zeep hoort ons inziens dus eigenlijk niet op eiken!

Grote voordelen: goedkoop. Natuurlijk. Prettig te verwerken. Nadelen: bescherming en esthetiek onzeker. Moeilijk over te schakelen naar ander product.

Onze zepen staan op deze pagina, de logen staan in dit rijtje.